Thumbnail

 

Waarom aandacht voor hygiëne

Thumbnail

Het afweersysteem van kinderen is volop in ontwikkeling. Via andere kinderen en doordat ze materialen en toiletten gezamenlijk gebruiken, komen ze vaker in contact met allerlei ziekteverwekkers. Kinderen hebben daar nog weinig weerstand tegen opgebouwd en zijn daarom een kwetsbare groep.

Hygiënemaatregelen zijn noodzakelijk om (onnodige) overdracht van ziektekiemen tegen te gaan en schadelijke gevolgen tot een minimum te beperken. Infecties verspreiden zich ook wanneer er nog geen ziekteverschijnselen zichtbaar zijn. Als u aandacht besteed aan hygiëne verkleint u de risico’s op ziektes. Denk aan bewust hygiënisch gedrag zoals handen wassen op de juiste momenten.

  • Oefen het handen wassen met de kinderen. 
  • Leer kinderen hoest- en niesdiscipline:
    - Hoest of nies niet in de richting van een ander. 
    - Draai het hoofd weg of buig het hoofd. 
    - Houd bij hoesten of niezen bij voorkeur de binnenkant van de elleboog voor de mond. Gebruik eventueel een papieren zakdoek. 
    - Handen gebruikt bij hoesten, niezen of neus afvegen? Was de handen direct met zeep. 
  • Maak schoonmaakroosters. 
  • Wees alert op ziektesymptomen. 
  • Informeer ouders over het handen wassen en de hoest- en niesdiscipline, zodat zij dat thuis ook met het kind kunnen oefenen.
  • Informeer ouders over afspraken rondom ziekte.

Lees meer tips en informatie op de webpagina Kindercentra van het Landelijk Centrum voor Hygiëne en Veiligheid (LCHVLandelijk Centrum Hygiene en Veiligheid ).

Goede hygiënemaatregelen zijn altijd noodzakelijk omdat een kind vaak al besmettelijk is voordat er klachten of ziekteverschijnselen zijn.  In de kinderopvang vindt overdracht van ziektekiemen op verschillende manieren plaats:

  • Via de handen. 
  • Via e lucht in de groep (huidschilfers of stof). 
  • Via druppels: bijvoorbeeld bij niezen, hoesten, spugen of kwijlen. 
  • Bloed-bloed contact: bij bijt- of krabincidenten. 
  • Tijdens het verschonen: contact met urine/ontlasting. 
  • Nauw onderling contact: bij spelen of andere activiteiten met nauw contact tussen kinderen onderling of tussen kinderen en medewerkers. Veelvuldig hand-mond contact kan ook zorgen voor overdracht van ziektekiemen.  
  • Voedsel en/of water: door besmette producten te eten en drinken. 
  • Voorwerpen: bijvoorbeeld speelgoed, spenen, aankleedkussens. 
  • Dieren: via (huis)dieren en insecten. 

Het is verstandig dat u in grote lijnen de afspraken over hygiëne opneemt in het beleid. Daarbij is het belangrijk dat pedagogisch medewerkers kennis hebben over het effect van hygiëne op het gedrag en de ontwikkeling van kinderen en de hygiënemaatregelen uitvoeren. Daarnaast neemt u maatregelen om de omgeving zo schoon mogelijk te houden. Tot slot is het van belang dat u op tijd ziekteverschijnselen bij kinderen signaleert en passende maatregelen neemt om meer zieken zo veel mogelijk te voorkomen. 

Beleid

In het beleid neemt u op:

  • Afspraken bij een ziek kind;
  • Afspraken bij een zieke medewerker;
  • Afspraken over persoonlijke hygiëne en algemene voorzorgsmaatregelen; 
  • Scholing over hygiënische maatregelen voor medewerkers;
  • Hoe en wanneer er schoongemaakt moet worden;
  • Hoe en wanneer er geventileerd moet worden.

Maak heldere afspraken. Blijf ouders en pedagogisch medewerkers bij elke relevante gelegenheid vertellen wat de afspraken zijn.

Ontwikkelen

U hebt een goed hygiënebeleid wanneer:

  • Pedagogisch medewerkers weten hoe ziekteverwekkers zich verspreiden. 
  • Elke medewerker op de hoogte is van goede handhygiëne en dit ook toepast. 
  • U passende voorlichting in huis hebt over handhygiëne voor de kinderen. 
  • U ouders informeert over afspraken die gaan over ziekte van hun kind. 
  • U ouders informeert over de verspreiding van ziekteverwekkers. 
  • U gebruik maakt van schoonmaakroosters voor zowel schoonmaak als ventilatie. 
  • Degenen die schoonmaken geïnstrueerd zijn.

Zie voor instructiemateriaal ook Rivmtoolkit.nl.

Omgeving

Hygiëne betreft handen, lucht en materialen:

  • Zorg voor goede handhygiëne bij pedagogisch medewerkers en kinderen:
    - Was de handen met water en zeep.
    - Als handen zichtbaar vuil zijn. 
    - Na een toiletbezoek.
    - Na het verschonen van een kind. 
    - Voor en na het eten. 
    - Na schoonmaakwerkzaamheden.  
    - Na contact met dieren of mest. 
    - Na hoesten, niezen of het snuiten van de neus.
  • Gebruik voorbeeldpictogrammen voor handen wassen en hoest- en niesdiscipline.
  • Ventileren: doordat in slecht geventileerde ruimten de lucht veel ziekteverwekkers bevat, bestaat een verhoogde kans op infectieziekten. Ventileer ruimtes 24 uur per dag, lucht ze minimaal eenmaal per dag. Neem dit op in het schoonmaakrooster (wanneer, hoe en wie het doet).
  • Schoonmaken: besteed extra aandacht aan het reinigen van speelgoed en van handcontactpunten, zoals kranen, lichtknopjes, deurkrukken en doorspoelknoppen. Overdracht van ziekteverwekkers gaat gemakkelijk via deze oppervlakken.  
  • Controleer zandbakken en andere speeltoestellen buiten op dier uitwerpselen. Verwijder uitwerpselen met ruim zand er om heen. Dek de zandbak af met een vochtdoorlatende bedekking. Maak speeltoestellen schoon.

Samenwerking met ouders:

  • Informeer ouders over handhygiëne en uw hoest- en niesdiscipline. Zo kunnen zij dit ook met de kinderen thuis oefenen.
  • Geef ouders informatie mee over hygiëne-afspraken.

Signaleren

  • Wees alert op ziekteverschijnselen. 
  • Wees alert op gedragsverandering bij kinderen, dit kan veroorzaakt worden door ziekte. 
  • Neem contact op met de ouders als een kind er niet goed uitziet of zich niet lekker voelt. 
  • In principe is bij ziekte de ouder degene die de huisarts inschakelt. Schakel als pedagogisch medewerker alleen een arts in als er acuut gevaar dreigt. 
  • Als een kind een besmettelijke ziekte heeft, dienen ouders dit te melden. 
  • Meld bij de GGDGemeentelijke gezondheidsdienst als een kind een besmettelijke ziekte heeft. Dit kan alleen met toestemming van de ouders. Zie voor details de Informatie over ziektebeelden voor de kinderdagopvang van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

KIDDI-app

Thumbnail

Mag een kind met ‘krentenbaard’ naar het kinderdagverblijf? En hoe voorkom je dan dat andere kinderen en leidsters ziek worden? Medewerkers van de kinderopvang kunnen dat opzoeken in de KIDDI-app. De KIDDI-app bevat informatie over infectieziekten en hygiënerichtlijnen voor kindercentra, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvangorganisaties. De app is een samenwerking van GGDGemeentelijke gezondheidsdienst , Hogeschool Arnhem en Nijmegen en RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Download (gratis) in Apple Store of Play Store. 

Meer informatie

Informeer naar mogelijkheden voor ondersteuning bij uw regionale GGD.