Aandacht besteden aan de relationele en seksuele ontwikkeling in de kinderopvang of gastouderopvang loont. Leren doen kinderen overal waar ze tijd doorbrengen: thuis en dus ook op de kinderopvang. Ze zijn nieuwsgierig, ontdekken samen en doen elkaar na. Het is daarom belangrijk dat ook pedagogisch professionals en gastouders kinderen kunnen ondersteunen in de relationele en seksuele ontwikkeling. Op deze pagina lees je hoe je dit blijvend onderdeel maakt van jullie dagelijkse praktijk en beleid. 

Waarom werken aan relationele en seksuele ontwikkeling?

  • De relationele en seksuele ontwikkeling is onlosmakelijk verbonden met de algemene ontwikkeling van een kind en begint al bij de geboorte.
  • Relationele en seksuele ontwikkeling gaat niet alleen over leren over seksualiteit, maar ook over het ontwikkelen van kennis, vaardigheden en normen en waarden over lichaam, vriendschap, gevoelens, zelfbeeld en respect voor zichzelf en anderen. Bij kinderen kun je denken aan knuffelen, vriendschappen, lekker in je vel zitten, nieuwsgierigheid naar het eigen en andermans lichaam, en ‘fijne’ en ‘niet-fijne’ aanrakingen.
  • Kinderen stellen vragen en experimenteren. Vanaf heel jong kunnen pedagogisch professionals en gastouders als medeopvoeders al bijdragen aan een gezonde en veilige relationele en seksuele ontwikkeling, omdat kinderen leren in groepen.
  • Veel ouders/verzorgers hebben vragen of zorgen over de relationele en seksuele ontwikkeling. Daarom is het van belang dat pedagogisch professionals en gastouders voor dit thema basiskennis en vaardigheden bezitten. Zo kunnen ze begeleiding bieden in de opvoeding als het gaat om een gezonde en prettige relationele en seksuele ontwikkeling.
  • Een gezonde relationele en seksuele ontwikkeling biedt kinderen de kennis en vaardigheden waarmee ze later gelukkige en veilige relaties aan kunnen gaan. Kinderen krijgen een positief zelf- en lichaamsbeeld, meer zelfvertrouwen en kunnen beter voor zichzelf opkomen. Ze leren eigen en elkaars wensen en grenzen aan te geven en te herkennen en respecteren.

Aan de slag met relationele en seksuele ontwikkeling

Met het Stappenplan werken aan Gezonde Kinderopvang zorg je voor blijvend resultaat. Werk aan relationele en seksuele ontwikkeling in jullie kinderopvangorganisatie of gastouderbureau op de pijlers beleid, ontwikkelen, omgeving en signaleren. Zo maak je meer impact, weten we uit onderzoek. Lees hieronder aan welke activiteiten je per pijler kunt denken.

Zorg ervoor dat relationele en seksuele ontwikkeling een vaste plek heeft in jullie beleid.

Beleid
  • Stel beleid op voor relationele en seksuele ontwikkeling. Welke visie heeft jullie kinderopvangorganisatie of gastouderbureau op dit thema?
  • Beschrijf in het beleid in ieder geval wat jullie doen om bij te dragen aan een gezonde relationele en seksuele ontwikkeling van de kinderen.
  • Bedenk als gastouderbureau hoe je gastouders kunt ondersteunen bij het vastleggen van het beleid voor relationele en seksuele vorming in hun pedagogisch werkplan.
  • Koppel het beleid voor relationele en seksuele ontwikkeling aan het pedagogisch beleid, gezondheids- en veiligheidsbeleid.
  • Houd bij het opstellen van beleid rekening met de Wet kinderopvang. Deze wet gaat uit van algemene ontwikkelingsdoelen die ook rondom relationele en seksuele ontwikkeling van toepassing zijn:
    • Emotionele veiligheid bieden in een veilige en gezonde omgeving.
    • De ontwikkeling van persoonlijke en sociale competenties stimuleren.
    • Waarden en normen overdragen.
  • Maak beleid op basis van de visie die de organisatie heeft op relationele en seksuele vorming. Het gaat dan om:
    • Pedagogisch klimaat: de gezonde relationele en seksuele opvoeding en ontwikkeling van kinderen (en eventuele hoe pedagogisch medewerkers en gastouders met elkaar en ouders/verzorgers omgaan).
    • Een sociaal veilige omgeving (gedragsregels over sociale omgang en gedragscode voor medewerkers) maar ook een fysieke omgeving die veilig is ingedeeld, met veilige materialen.
    • De deskundigheidsbevordering van pedagogisch medewerkers of gastouders: basiskennis van gezonde relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen.
    • Relationele en seksuele opvoeding in de praktijk: omgaan met vragen en gedrag.
    • Ouders/verzorgers informeren en betrekken.
    • Signaleren van seksueel grensoverschrijdend gedrag en (seksueel) misbruik en weten hoe te handelen.
    • Een vertrouwenspersoon aanstellen.
    • Een klachtenprocedure opstellen.
Betrekken en informeren
  • Informeer medewerkers, gastouders, ouders/verzorgers en oudere kinderen tenminste jaarlijks over het beleid.
  • Betrek de ouderraad en ouders/verzorgers bij het ontwikkelen van een visie, beleid en gedragsregels voor het thema relationele en seksuele ontwikkeling. Zo stem je voor een groot deel af met ouders/verzorgers over het beantwoorden van vragen van kinderen en informatie die je geeft aan kinderen. De organisatie bepaalt uiteindelijk zelf de visie en het beleid.
  • Informeer ouders/verzorgers over het beleid van de organisatie via een (digitale) nieuwsbrief.
  • Wees je ervan bewust dat het betrekken en informeren van ouders/verzorgers heel belangrijk op dit thema is. Ouders/verzorgers zijn graag op de hoogte van het beleid als het gaat om gezonde relaties en seksualiteit, zodat ze weten wat hun kinderen meekrijgen. Door ouders/verzorgers hier goed over te informeren kunnen ze er thuis ook met hun kinderen over praten en hun eigen normen en waarden meegeven.
  • Meld veranderingen in het beleid, bijvooorbeeld na evaluatie, via een nieuwsbericht op de website of in een nieuwsbrief.
Borgen
  • Borg taken en verantwoordelijkheden. Maak bijvoorbeeld één medewerker verantwoordelijk voor het actualiseren van het beleid voor relationele en seksuele ontwikkeling.
  • Denk ook aan uitvoeren en handhaven van het beleid, inclusief afstemming en communicatie met medewerkers, gastouders, ouders/verzorgers en kinderen.
Evalueren
  • Evalueer jaarlijks jullie beleid.
 Tips bij pijler Beleid
  • Bij aandacht voor het onderwerp seksualiteit in visie en beleid gaat het meestal over twee aspecten: het bevorderen van een gezonde relationele en seksuele ontwikkeling en de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag.
  • In het Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar wordt het aandachtsgebied gezonde relaties en seksualiteit duidelijk onderkend en staan voorbeelden van wat een pedagogisch medewerker op dit gebied kan doen. Bijvoorbeeld: "De pedagogisch medewerker ondersteunt de kennis van het eigen lichaam door woorden te geven aan de geslachtsdelen en aan de gevoelens die ze bij kinderen ziet."
  • Een organisatie in de kinderopvang kan op verschillende manieren laten zien dat er positieve aandacht is voor het thema gezonde relaties en seksualiteit. Een paar voorbeelden:
    • In een folder en/of op de website het thema gezonde relaties en seksualiteit benoemen en hierbij een voorbeeld geven van ontdekgedrag van kinderen dat zich kan voordoen, zoals doktertje spelen en vieze woorden zeggen.
    • Het onderwerp seksualiteit als vast aandachtsgebied benoemen bij verschillende vastliggende momenten in de opvang van de kinderen, zoals het verschonen van kinderen.
    • Afspraken binnen het team maken over hoe jullie omgaan met ontdekgedrag, hoe jullie kunnen reageren op vragen/opmerkingen van kinderen op dit gebied en ook op de van ouders/verzorgers.
    • Het thema gezonde relaties en seksualiteit specifiek opnemen als vast agendapunt bij de verschillende overlegmomenten, zoals teamoverleg.

Bied kinderen, medewerkers en gastouders activiteiten aan rond relationele en seksuele ontwikkeling. Met als doel dat zij hun kennis vergroten, vaardigheden aanleren en positief zijn over relationele en seksuele ontwikkeling.

Bijscholing
Kennis en activiteiten
  • Gebruik de dagritmekaart Jij en ik. Deze bevat inspiratie voor leuke, leerzame activiteiten die pedagogisch medewerkers en gastouders kunnen doen met jonge kinderen (1,5 tot 4 jaar).
  • Verwijs pedagogisch medewerkers en gastouders naar seksuelevorming.nl. Deze site biedt meer informatie over de verschillende ontwikkelingsfases van kinderen.
  • Lees hoe je als pedagogisch medewerker en gastouder kunt reageren op gedrag of vragen van kinderen (op seksuelevorming.nl).
  • Zorg voor activiteiten waarmee die een gezonde relationele en seksuele ontwikkeling van de kinderen ondersteunen. Bijvoorbeeld:
    • Prentenboeken neerzetten op de opvang, laten zien, en samen lezen. Draai bij het voorlezen Jip en Janneke eens om, of schaf inclusieve boeken aan, zoals Julian is een zeemeermin van Jessica Love of De kikkerbilletjes van de koning en andere sprookjes van Janneke Schotveld.
    • Inspelen op dagelijkse situaties:
      • als een van de ouders zwanger is hier boekjes over lezen en vragen beantwoorden
      • als kinderen doktertje spelen, doktersspulletjes aanschaffen en afspraken maken dat ze elkaar geen pijn mogen doen en geen objecten bij elkaar naar binnen brengen (in oor, neus, oog, vagina, anus)
      • gebruik inclusieve taal, bijvoorbeeld ‘Is er een sterk kind dat mij kan helpen met deze tafel?’ in plaats van ‘Is er een sterke jongen …’
  • Spelen met geschikte materialen, zoals poppen waarvan het lichaam overeenkomt met de werkelijkheid; doktersspulletjes en puzzels over het lichaam, bijvoorbeeld lagenpuzzels van jongens en meisjes.
  • Knutselen rondom ‘lichaam’, ‘gezin’, of ‘groei’ of themaweken organiseren rondom deze onderwerpen.
  • Bewegingsactiviteiten: dansen op liedjes als ‘hoofd, schouder, knie en teen’ en ‘met de vingertjes’. Breng variatie aan op deze liedjes door ook andere lichaamsdelen, waaronder de geslachtsdelen, te benoemen. Op deze manier krijgen kinderen al van jongs af aan mee dat deze lichaamsdelen erbij horen – net als een neus of een voet – en dat ze deze mogen benoemen. Hoe de geslachtsdelen genoemd worden op de opvang kan vastgelegd worden in het beleid.
Goede voorbeeld
  • Gezond voorbeeldgedrag van medewerkers en gastouders is belangrijk voor de relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen. Het helpt hen om een positieve basis te leggen voor (toekomstige) relaties, bevordert emotionele en sociale vaardigheden, en creëert een veilige omgeving voor open communicatie. Dit gedrag helpt kinderen te leren wat persoonlijke grenzen zijn en hoe ze zich bewust kunnen zijn van hun lichaam.
  • Denk bij gezond voorbeeldgedrag aan:
    • Respectvolle communicatie. Bijvoorbeeld door altijd naar elkaar te luisteren en elkaar vriendelijk te behandelen.
    • Lichaamsbewustzijn: het gebruik van correcte termen voor lichaamsdelen en het bespreken van persoonlijke ruimte helpt kinderen om een gezond lichaamsbewustzijn te ontwikkelen.
    • Emoties delen: kinderen aanmoedigen om te zeggen wat ze voelen. Bijvoorbeeld: ‘Ik voel me blij als we samen spelen’ of ‘Ik ben verdrietig als iemand niet vriendelijk is’.
    • Grenzen respecteren: aanmoedigen om ‘nee’ te zeggen bij een ongemakkelijk gevoel, zelf ook grenzen stellen in interacties, de grenzen van kinderen respecteren als ze niet geknuffeld of gekust willen worden.
    • Positieve interacties: het tonen van liefdevolle en ondersteunende interacties tussen volwassenen, zoals het geven van complimenten of het tonen van genegenheid, helpt kinderen te begrijpen wat gezonde relaties zijn.
Tips bij pijler Ontwikkelen
  • Wees op de hoogte van de seksuele ontwikkeling van kinderen van 0-4 jaar. Dit maakt dat je gedrag van een kind beter kunt duiden.
  • Geef kinderen positieve aandacht. Neem ze op schoot (als ze daar zelf daar initiatief toe nemen) en geef een aai over hun bol. Lichamelijk contact hoort bij gezond hechtingsgedrag.
  • Bestraf een kind niet als het ongewenst gedrag laat zien. Geef uitleg waarom het gedrag niet gewenst is en bied een alternatief aan.
  • Beantwoord vragen van kinderen op hun eigen niveau. Krijg je de vraag ‘Waar komt een baby vandaan?’, zeg dan bijvoorbeeld: ‘Mama heeft een eitje en papa een zaadje, en als die samen komen groeit er een baby in de buik van mama.’
  • Ondersteun (en inspireer) pedagogisch medewerkers en gastouders structureel, bijvoorbeeld door:
    • Periodieke deskundigheidsbevordering over het thema gezonde relaties en seksualiteit.
    • Periodieke (team)discussies over relationele en seksuele vorming, bijvoorbeeld over verschillen in waarden en normen of ‘wat komen we tegen aan ontdekgedrag van kinderen en hoe willen we daar mee omgaan?’
    • Informatie te delen over (bijvoorbeeld via een map of intranet) over kinderen en seksualiteit, zoals bevindingen uit onderzoek en statistieken, en door materialen beschikbaar te stellen (bijvoorbeeld (voor)leesboeken, legpuzzels)
       

Richt de fysieke en sociale omgeving zo in dat die bijdraagt aan de relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen en goede begeleiding door medewerkers en gastouders. Laat medewerkers en gastouders het goede voorbeeld geven en betrek ouders/verzorgers, oudere kinderen en samenwerkingspartijen bij jullie activiteiten.

Fysieke omgeving 
  • Houd bij het indelen van ruimtes rekening met zowel privacy als transparantie. Belangrijk is dat er zowel aandacht is voor de behoefte aan privacy van kinderen als de behoefte om bij elkaar te ontdekken hoe zijzelf en anderen eruitzien. Dat verschilt per kind en per situatie. Je kunt een ruimte bijvoorbeeld zodanig inrichten dat kinderen enerzijds privacy hebben, maar ook gezamenlijk in de badkamer/verschoonruimte kunnen zijn als de daar behoefte aan hebben. Daar zien ze dat baby’s verschoond worden en dat anderen zichzelf uitkleden en zelfstandig naar het toilet gaan.
Sociale omgeving
  • Formuleer eenvoudige omgangsregels.
  • Creëer een vertrouwde en veilige sfeer.
  • Informeer ouders/verzorgers over de relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen. Bijvoorbeeld met de brochure Seksuele ontwikkeling van kinderen van 0-18 jaar.
  • Laat de ouders/verzorgers ook weten dat ze bij jullie terechtkunnen met vragen en zorgen over de relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen. Lees hoe je het beste kunt communiceren met ouders op seksuelevorming.nl.
  • Ga het gesprek aan met ouders over relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen. Maak duidelijk dat voor kinderen het onderwerp seksualiteit geen taboe is en dat het ongemak bij (ons) volwassenen ligt. Geef ouders mee dat het belangrijk is om de anatomisch correcte naam te benoemen van lichaamsdelen, vragen van hun kinderen eerlijk en leeftijdsadequaat te beantwoorden, positief te reageren en alternatieven te bieden waar nodig.
  • Wijs ouders op de gids Vlaggensysteem voor ouders van Movisie. Deze gids biedt houvast voor ouders die vroeg of laat geconfronteerd worden met kinderen die op ontdekking gaan naar hun eigen lichaam en seksualiteit.
  • Breng de website seksueleopvoeding.info onder de aandacht als je merkt dat ouders/verzorgers behoefte hebben aan meer informatie. Of wijs ouders/verzorgers op de beschikbare boeken, brochures en folders in de webwinkel van Rutgers.
Betrekken en informeren
  • Zorg dat kinderen, ouders/verzorgers, medewerkers en gastouders ook een rol kunnen spelen bij activiteiten. Relationele en seksuele ontwikkeling krijgt namelijk meer aandacht als iedereen zich erbij betrokken voelt.
  • Trek samen op met ouders/verzorgers, zodat jullie een koppeling kunnen maken met thuis. Zo wordt de relationele en seksuele ontwikkeling van het kind nog beter gestimuleerd.
Goede voorbeeld
  • Geef als medewerkers en gastouders het goede voorbeeld.
  • Wees je bewust van hoe kinderen elkaar beïnvloeden en complimenteer kinderen die het goede voorbeeld geven. Bijvoorbeeld wanneer een kind bij een ander kind netjes aangeeft iets niet te willen, een kind een ander kind troost, een kind aangeeft zich verdrietig te voelen omdat het niet mee mocht doen of wanneer een kind een compliment geeft.
Samenwerken
  • Betrek lokale samenwerkingspartners met specifieke deskundigheid, kennis en ideeën bij de activiteiten die je organiseert. Denk aan een (Gezonde) school in jouw buurt, Jeugdgezondheidszorg (GGD) of aan je gemeente.
  • Zoek de samenwerking op met de GGD Gemeentelijke gezondheidsdienst (Gemeentelijke gezondheidsdienst) en JGZ Jeugdgezondheidszorg (Jeugdgezondheidszorg). Zij kunnen vaak ook ouderavonden of thema-avonden organiseren.
  • Werk samen met basisscholen als ze aandacht besteden aan het thema, bijvoorbeeld in de Week van de Lentekriebels.
  • Denk aan andere kinderopvangorganisaties of scholen in de buurt, zoals een Gezonde Kinderopvang of Gezonde School. Misschien kunnen jullie samen optrekken rond bepaalde programma’s in de gemeente voor jeugd of ideeën uitwisselen.
  • Wijs ouders/verzorgers op lokale organisaties die zich bezig houden met opvoedondersteuning, ook op het thema van relationele en seksuele ontwikkeling.
Tips bij pijler Omgeving

Houd in de gaten hoe het met de kinderen gaat rond relationele en seksuele ontwikkeling. Zo kun je vroegtijdig mogelijke risico’s signaleren. Bepaal samen waarop jullie signaleren en doe regelmatig onderzoek. Leg ook vast hoe jullie met signalen omgaan en welke maatregelen passend zijn.

Periodiek onderzoek
  • Zorg dat je weet hoe het met de kinderen gaat rond relationele en seksuele ontwikkeling.
  • Maak gebruik van de gegevens uit de Kindmonitor van de GGD Gemeentelijke gezondheidsdienst (Gemeentelijke gezondheidsdienst) om een beter beeld te krijgen van de gezondheid van kinderen in jouw regio. Neem contact op met de GGD voor meer informatie.
Signaleren
  • Zorg dat pedagogisch medewerkers en gastouders alert zijn op problemen of zorgen en dat zij weten wat ze met een zorgwekkend signaal doen. Dat betekent ook dat ze het verschil tussen gezond en zorgelijk gedrag kunnen beoordelen:
  • Veel seksueel gedrag dat kinderen vertonen is gezond of oké gedrag. Voor pedagogisch medewerkers en gastouders is het soms lastig in te schatten wanneer gedrag oké is wanneer niet. De criteria in het Vlaggensysteem van Sensoa en Movisie helpen om seksueel gedrag van kinderen te duiden en beoordelen.
  • Een handig artikel is Hoe herken ik seksueel misbruik bij een kind? op rijksoverheid.nl
  • Zorg dat signalen in jullie organisatie worden opgepakt.
  • Maak gebruik van de Meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld. Deze helpt professionals met het signaleren en handelen bij (vermoedens van) huiselijk geweld of kindermishandeling.
Informeren
  • Vertel ouders/verzorgers welk gedrag je signaleert bij de kinderen en leg uit hoe dit wel of niet past bij de relationele en seksuele ontwikkeling van kinderen van de leeftijd.
  • Zorg ervoor dat je bij (signalen van) grensoverschrijdend gedrag altijd de ouders/verzorgers informeert. Blijf rustig en geef uitleg, eventueel ook de ontwikkelfases van een kind en wat voor gedrag daarbij past.

Het Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar beschrijft wat een pedagogisch medewerker of gastouder kan doen om een kind te ondersteunen in de relationele en seksuele ontwikkeling:

  • De pedagogisch medewerker of gastouder ondersteunt de kennis van het eigen lichaam door woorden te geven aan alle lichaamsdelen en dus ook de geslachtsdelen. Ook leert die de kinderen hun eigen gevoelens te begrijpen door deze te benoemen. De pedagogisch medewerker of gastouder:
    • benoemt de overeenkomsten (en verschillen) tussen jongens en meisjes wanneer deze merkt dat kinderen daar aandacht voor hebben
    • geeft antwoord op vragen van kinderen
    • benoemt wat kinderen met elkaar doen en helpt kinderen om grenzen te stellen en elkaars grenzen herkennen en te respecteren
    • biedt ruimte én grenzen voor seksueel getint gedrag
    • bespreekt wat ‘fijn’ is en ‘niet-fijn’ en dat kinderen rekening moeten houden met wat andere kinderen willen. Ieder kind heeft recht op privé.
  • De pedagogisch medewerker of gastouder heeft een voorbeeldfunctie in de overdracht van waarden op relationeel of seksueel gebied.
  • De pedagogisch medewerker gaat behoedzaam om met de geslachtsdelen van de kinderen tijdens het verschonen. Medewerkers geven technische en emotionele informatie aan kinderen die met hun lichaam bezig zijn. Ze merken op dat kinderen het prettig kunnen vinden om hun geslachtsdelen aan te raken en reageren daar positief op en sturen bij indien nodig. Ze leren de kinderen wanneer het gepast en ongepast is om hun eigen geslachtsdeel aan te raken. Wanneer kinderen elkaar aanraken, leert de medewerker hen de behoefte van de ander op te merken en die te respecteren. De medewerker kinderen inzien wanneer ze ‘ja’ of ‘nee’ willen zeggen wanneer een ander hen aanraakt en hoe ze de grenzen van een ander kunnen herkennen en respecteren.

Het leerplankader gezonde leefstijl biedt medewerkers in de kinderopvang een kader om te zien wat kinderen van 0-4 jaar moeten kunnen en weten voor een gezonde leefstijl, onder andere op het gebied van relaties en seksualiteit. Daarmee geeft het kader tegelijkertijd inzicht in wat medewerkers zelf moeten weten om kinderen goed te kunnen informeren. Het kader gaat in op wat kinderen van 0-4 jaar moeten kennen en kunnen met betrekking tot:

  • lichamelijke ontwikkeling: lichaamsdelen beschrijven, inclusief geslachtsdelen; verschillen beschrijven tussen jongens en meisjes; benoemen dat ik groei en dat ik verander.
    • zelfbeeld: mijzelf herkennen in een spiegel en op een foto; beschrijven dat ik een jongen/meisje ben.
    • soorten relaties: verschillende soorten relaties beschrijven (vrouw-man, man-man, vrouw-vrouw).
    • relatievorming: personen herkennen die voor mij belangrijk zijn.
    • voortplanting en gezinsvorming: globaal beschrijven waar baby’s vandaan komen; de samenstelling beschrijven van het eigen gezin.
    • seksualiteit: tederheid en fysieke nabijheid als uitingen van affectie en liefde herkennen.
    • seksuele gezondheid en welzijn: prettige en onprettige aanrakingen en contacten herkennen; benoemen wie me mag aanraken en waar ik een ander mag aanraken.

Advies of ondersteuning nodig?

Ambassadeur

Mail een ambassadeur Gezonde Kinderopvang.
Dat is een ervaren coach die graag met je meedenkt.

GGD

Informeer naar mogelijkheden voor ondersteuning bij de regionale GGD.


  • Raadpleeg Rutgers of neem contact op voor deskundigheidsbevordering en advies op het gebied van seksuele ontwikkeling.
  • Neem contact op met de jeugdgezondheidszorg bij vragen of zorgen