U bent hier

Werken aan bewegen

Waarom aandacht voor bewegen

Icoon bewegen twee kindjes met balOp jonge leeftijd gezond beweeggedrag aanleren is makkelijker dan op latere leeftijd ongezonde gewoontes afleren. Overgewicht is het gevolg van ongezonde gewoontes. Bewegen helpt overgewicht te voorkomen.  

Onderzoek bij kinderen van 0-3 jarigen laat zien dat 18,3 procent op 3-jarige leeftijd overgewicht heeft, inclusief obesitas (BeeBOFT). Hoe jonger het kind, hoe kansrijker u bent met preventie en overgewicht aanpakken. 

Bovendien blijkt uit onderzoek  onder 0-4 jarigen dat een kwart van hen in de winter niet dagelijks buiten komt. Een vijfde van de ouders gaf aan daar onvoldoende tijd voor te hebben. Relatief vaak leidden opvattingen en gedragingen van ouders tot een ongezonde leefstijl van jonge kinderen (Boere-Boonekamp et al, 2008).

Tips: bewegen

Zo bevordert u dat jonge kinderen meer bewegen:

  • Neem gezondheid als uitgangspunt. Laat iedereen weten dat gezondheid bij uw organisatie centraal staat en praat daarover.
  • Betrek ouders. Laat ouders weten hoe u bewegen bevordert en geef handvatten voor thuis.
  • Leef het voor. Geef als pedagogisch medewerkers het gezonde voorbeeld door veel te bewegen, bij spelletjes en muziek bijvoorbeeld.
  • Plan en organiseer. Plan dagelijks een uurtje bewegen in of verschillende beweegmomenten op een dag of in een week. Pedagogisch medewerkers kunnen bijvoorbeeld minimaal twee keer per week buiten beweegspelletjes organiseren.
  • Laat baby’s vrij bewegen. Hier legt u de basis voor een goede motorische ontwikkeling.
  • Leer begrippen aan. Kinderen leren al bewegend begrippen als voor en achter, boven en onder
  • Doe bewegingsspelletjes. Bewegingsspelletjes hebben ook een sociale functie: contact leggen, samen spelen, ruzie maken en teleurstellingen verwerken.
  • Speel buiten. In de natuur spelen bevordert persoonlijke ontwikkeling, zingeving, stressherstel en sociale contacten. Maar vooral stimuleert het tot bewegen.

Buiten spelen is een belangrijk onderdeel van bewegen: we moeten echt veel meer naar buiten. Ook de allerkleinsten. We gaan al dagelijks, maar het moet nog vaker. Het heeft ook te maken met mindset. Een flesje geven, kun je ook op de rand van de zandbak.

Laurien Voss-Hanegraaf | het groenehuis

Aan de slag met bewegen (beleid, ontwikkelen, omgeving, signaleren)

Om te zorgen dat kinderen meer bewegen, neemt u daarover uitgangspunten op in het beleid. Daarnaast is het belangrijk dat pedagogisch medewerkers weten wat bewegen betekent voor de ontwikkeling van een kind en hoe zij daaraan kunnen bijdragen. Ook de (fysieke) omgeving en de ouders hebben een grote invloed op het beweeggedrag van kinderen. En tot slot kunnen pedagogisch medewerkers een belangrijke signaalfunctie vervullen bij de motorische ontwikkeling van kinderen. 
 

Beleid

  • Geef (een deel van) het personeel bijscholing over bewegen.
  • Zet bewegen op de agenda en in het weekprogramma van kinderdagverblijf of peuterspeelzaal.
  • Leg in uw beleid vast dat kinderen minimaal een uur per dag buiten zijn, ook als het regent of waait. En dat er voldoende uitnodigende beweegactiviteiten en materialen zijn.
  • Zoek samenwerking met een organisatie in de buurt die bewegen stimuleert (sportvereniging, gemeente, sportaanbieder).
  • Neem contact op met de lokale buurtsportcoach en informeer naar mogelijkheden om samen bewegen te stimuleren
  • Profileer je als kinderdagverblijf met het thema bewegen. Niet alleen kinderen, maar ook hun ouders vinden bewegen heel leuk! 

Ontwikkelen

Om te zorgen dat kinderen in de dagopvang meer bewegen zijn er voor 0-4 jaar allerlei activiteiten voorhanden. Kijk bij het raadplegen van informatie vooral naar aanpakken die goed zijn beschreven en onderbouwd, met ervaringen van deelnemers en uitvoerders, en die uitgebreid zijn getoetst.

Ontwikkeltips

  • Beweeg als pedagogisch medewerker mee bij het dansen (zet muziek aan!) en maak bewegingen bij (tik)spelletjes en verhaaltjes vertellen.
  • Door een baby regelmatig even op de buik te leggen als hij wakker is, leert hij zijn hoofdje op te tillen. Ligt de baby niet graag op zijn buik? Probeer het dan door hem met de armpjes over een opgerolde handdoek te leggen.
  • Realiseert u zich dat kinderen leren door vallen en opstaan. Peuters willen graag dingen uitproberen en klimmen en klauteren horen daarbij. Af en toe een misstap is niet erg. Blijf wel altijd in de buurt om in te grijpen als het verkeerd dreigt te gaan.
  • U kunt online de Beweegkriebels speelkaartendoos bestellen. Dat zijn kaarten met leuke spelletjes voor binnen en buiten. Op Beweegkriebels.nl vindt u nog meer beweegspelletjes.

Omgeving

  • Benut niet alleen het kinderdagverblijf, maar kijk ook in de buurt naar geschikte beweegplekken (park, bos, grasveld, kinderboerderij, speeltuin en sportvereniging). Loop met kinderen in gekleurde veiligheidshesjes door de wijk. Of schaf een bolderkar aan om kinderen veilig naar een andere buitenruimte te vervoeren.
  • Attendeer ouders op het belang van bewegen. Hang informatieve posters op. Stimuleer ouders om met hun kind te gaan bewegen. Kijk voor meer tips, brochures en stappenplannen op Allesoversport.nl
  • Spreek tijdens een oudergesprek over bewegen. 

Signaleren

  • Zorg voor samenwerking met een fysiotherapiepraktijk. Vraag hen advies als u motorische afwijkingen of achterstanden bij een kind constateert. Geef het adres door aan ouders. Andere mogelijkheid: laat de fysiotherapeut een ouderavond verzorgen.
  • Bij een lichte motorische achterstand stimuleert u ouders om hun kind meer te laten bewegen of om zelf meer te bewegen met hun kind. Laat bij ernstiger afwijkingen ouders contact opnemen met een arts of verpleegkundige bij het consultatiebureau. 

Voorbeeld Guppiesport in Veghel

Turnvereniging Educa in Veghel organiseert guppiesport op Kinderdagdagverblijf ’t Kroontje in Veghel. Alle grondvormen van bewegen komen aan bod. 

Jan Maarten Dank | clustermanager bij kindeRdam: ‘Voorleven’ is belangrijk. Voor de kinderen. Maar ook als collega’s onderling. Bijvoorbeeld met bewegen. De gêne vervalt als collega’s ook mee springen en dansen'. Zelf is Jan Maarten een levend voorbeeld van voorleven. Hij is veel afgevallen en inmiddels dol op sport. 'Ik heb een paar collega’s zo ver gekregen dat we samen de kwart marathon van Rotterdam meelopen.'

 

Meer informatie

​Informeer naar mogelijkheden voor ondersteuning bij uw regionale GGD

Mail voor antwoord op vragen rond bewegen naar info@kcsport.nl

Ook gevonden

Afdrukken:

Via printer